Behandeling bij hartziekte
De hartchirurgie is de specialiteit die aandoeningen van het hart en van de grote thoraxbloedvaten behandelt. Zij richt zich vooral op 3 types pathologieën :
• Aandoeningen aan de coronaire arteriën (slagaders die de hartspier voeden)
• De hartkleppen
• en aangeboren misvormingen van het hart en van de grote bloedvaten
Meer nog dan andere specialismen steunt cardiologische heelkunde op teamwerk, waarbij de rol van elk teamlid determinerend is: cardiologen, anesthesisten, chirurgen, maar ook perfusionisten die de hart-longmachine bedienen, het team intensieve zorgen, verpleegsters, kinesisten…
- Hart-longmachine
-
De interventies
De coronaire bypass
Dit is de meest frequent uitgevoerde operatie in de ontwikkelde landen. Zij behandelt de vernauwing of de afsluiting van de kransslagaders, de slagaders die de hartspier voeden. Zij bestaat uit het inplanten van een ader (meestal een vena saphena uit het been) of een slagader (meestal de arteria mamaria interna) die als overbrugging dient om bloed over de vernauwde of de afgesloten zone te brengen. De indicaties zijn goed vastgelegd en de ingreep is aangewezen wanneer de techniek van angioplastiek met ballondilatatie niet mogelijk is. In bepaalde gevallen kan de ingreep op het kloppende hart uitgevoerd worden.De klepvervanging
Dit is de vervanging van de defecte hartklep door een prothese. Er zijn twee types prothesen beschikbaar: De mechanische protheses gemaakt uit een synthetisch materiaal dat buitengewoon slijtvast is, en de biologische protheses of bio-protheses gemaakt uit biologisch weefsel van dierlijke oorsprong: runderpericard of varkensaortaklep. Beide protheses hebben voor- en nadelen. De keuze voor de ene of de andere berust vooral op het leeftijdscriterium. In bepaalde gevallen is het mogelijk de klep door valvuloplastiek te herstellen zonder deze te vervangen.De chirurgie van de thoracale aorta
Aangewezen bij dilatatie (aneurysma) en bij dissecties. Zij wordt met of zonder reïmplantatie van de kransslagaders uitgevoerd.De chirurgie van de hartritmestoringen
Wordt dikwijls samen met de klepchirurgie uitgevoerd wanneer de electrofysiologie-technieken niet mogelijk zijn.De pacemaker
Het plaatsen van een hartstimulator (of pacemaker) wordt eveneens in ons departement uitgevoerd. Deze is nodig wanneer de geleiding van het weefsel tussen de voorkamers en de ventrikels deficiënt is. Deze insufficiëntie veroorzaakt een vertraging of zelfs een onderbreking van de hartactiviteit, met bewustzijnsverlies tot gevolg. De interventie verloopt meestal onder plaatselijke verdoving en vereist gemiddeld slechts 2 dagen hospitalisatie.Verloop van de interventie
In het kader van een georganiseerde chirurgie wordt de patiënt meestal één of twee dagen vóór de ingreep opgenomen. Bij opname wordt een standaardbilan uitgevoerd: met name een bloedafname, een thoraxfoto en een elektrocardiogram.
Andere specifieke onderzoeken worden gepland in het kader van het preoperatieve onderzoek: coronarografie, echografie van het hart, Doppler van de carotiden, meten van de longcapaciteit …
De preoperatieve raadpleging bij een anesthesist maakt het mogelijk om de patiënt zo goed mogelijk op de ingreep voor te bereiden en eventuele pijnbestrijding te verzekeren.De chirurgische ingreep
In de grote meerderheid van de gevallen wordt het hart bij middel van een «mediane sternotomie» benaderd, een incisie waarbij het sternum overlangs wordt doorgenomen. Dit gebeurt onder volledige verdoving.
Eens het hart vrij ligt, wordt de extracorporale bloedsomloop geïnstalleerd en gestart. Deze bestaat uit een pomp en een zuurstofapparaat en neemt de hartfunctie over (de bloedsomloop) en de longfunctie (de gasuitwisseling verzekeren). Daardoor kunnen hart en longen lang genoeg gestopt worden zonder schade aan de organen te veroorzaken. Dit laat de chirurg toe om de eigenlijke cardiale handeling te verrichten op een leeg en stilstaand hart.
Eens de herstelling van het hart voltooid, wordt het hart opnieuw gevuld, de samentrekkingen hervatten, de longen worden opnieuw geventileerd en de externe bloedsomloop wordt progressief gestopt.
Op het einde wordt de sternotomie in lagen gesloten en er blijven 2 of 3 drains in de borstholte.Het verblijf op intensieve verzorging
Op het einde van de ingreep wordt de patiënt overgebracht naar de dienst voor intensieve verzorging. Hij is nog steeds onder narcose en beademd. Tijdens de eerste en meest delicate postoperatieve uren zullen zijn verschillende parameters nauwlettend in de gaten gehouden worden. Eens deze parameters gestabiliseerd zijn, zal hij progressief gewekt worden, zal de beademing afgebouwd worden en wordt hij geextubeerd. Het verblijf in de intensieve verzorging duurt gemiddeld 2 dagen, waarna de patiënt terug naar de verpleegeenheid gaat.Het postoperatieve verblijf in de verpleegeenheid
Dit verblijf zal gemiddeld een week duren. Het klinisch onderzoek en bepaalde bijkomende routineonderzoeken verzekeren de afwezigheid van postoperatieve complicaties. Kinesitherapie wordt snel en actief begonnen. Het doel is de strijd tegen respiratoire complicaties en een zo snel mogelijk herwonnen autonomie.De herstelperiode
Meestal kan de patiënt bij ontslag rechtstreeks naar huis.
Hij kan ook, indien hij dit wenst en zijn toestand het vereist, enkele weken verblijven in een herstelcentrum. In ieder geval wordt de voorzetting van de kinesitherapie en daarna de revalidatie sterk aanbevolen. Ze laten toe om de lichamelijke mogelijkheden en een herneming van de gewone activiteiten optimaal te herwinnen.
Een regelmatige medische opvolging is absoluut nodig na de ingreep: zij zal verzekerd worden door de huisarts en de cardioloog.Historiek
Hoewel de meeste hartaandoeningen overvloedig beschreven en gedocumenteerd waren vanaf het begin van de 19de en de 20ste eeuw, werd de moderne hartchirurgie zoals ze vandaag beoefend wordt slechts sinds een vijftigtal jaren ontwikkeld. Tot aan het einde van de 19de eeuw oordeelden de grootste namen in de chirurgie het krankzinnig en «ontaard» om een hart te willen hechten. Ook kan men symbolisch stellen dat door voor het eerst met succes een hartwonde te hechten, Rehn in 1896 in Frankfurt de weg geopend had. Men heeft nochtans moeten wachten op de extracorporale bloedsomloop (ECB) om ingrepen op een leeg en stilstaand hart in alle veiligheid te kunnen uitvoeren.
De eerste echte ingreep op een open hart werd in 1953 in de Verenigde Staten uitgevoerd door dokter A. Gibbon die erin slaagde een intracardiale misvorming te herstellen door middel van een door hem uitgevonden hart-longmachine.
Sindsdien werd de ECB techniek steeds verder ontwikkeld, profiterend van de vooruitgang van de biomedische research, werd steeds betrouwbaarder en liet de hartchirurgie een snelle ontwikkeling doormaken, zowel op het vlak van de aangeboren malformaties als op het vlak van de verworven hartaandoeningen. Gelijktijdig hebben de vooruitgang van de anesthesie en van de reanimatie het mogelijk gemaakt om de indicaties uit te breiden en steeds zwaardere aandoeningen bij vaak oudere en kwetsbare patiënten met succes te opereren.
Medio de jaren 1990 werd de hartchirurgie - die zijn mature fase had bereikt – geconfronteerd met steeds beter presterende minimaal-invasieve technieken die zonder incisie een groeiend aantal hartaandoeningen behandelen, vooral van de kransslagaders. Deze wedijver heeft de ontwikkeling van nieuwe chirurgische benaderingen bevorderd, om gewettigde maar soms tegenstrijdige eisen te verenigen: een minder invasieve handeling, waar mogelijk minder duur maar zonder te raken aan de quasi absolute veiligheid geboden door de klassieke aanpak.
In de academische ziekenhuizen wordt de hartchirurgie al meer dan 20 jaar bedreven. Zij betreft alle gebieden van de chirurgie bij volwassenen, in nauwe samenwerking met het departement cardiologie, de diensten anesthesie en intensieve verzorging. Gelijktijdig met de zorgactiviteit participeert het departement hartchirurgie in de researchprogramma’s en de opleiding van toekomstige geneesherenspecialisten. -
Alle documenten op deze sites zijn louter informatief en mogen niet beschouwd worden als rechtsgeldige documenten.De vzw kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor de informatie op deze website. Hoewel het onze bedoeling is om bijgewerkte en juiste informatie te verspreiden, kunnen we geen perfect resultaat garanderen. Eventuele onjuistheden die ons worden gesignaleerd, zullen we zo spoedig mogelijk verbeteren.
Medische behandelingen
Soorten medische behandelingen
Hartritmestoornissen, hartinfarct, een stent of transplantatie, daar hebben we van gehoord, zelfs een bypass denken we te kennen, maar het fijne weten we niet. Dat laten we over aan gespecialiseerde artsen.
- Ablatie
- Anastomose
- Bypassoperatie
- Broekprothese Bypass
- Defibrillator / ICD
- ICD / Vraag en antwoord
- Dotteren / stent
- Hartklepoperatie
- Hartrevalidatie
- Harttransplantatie
- Kunsthart
- Leven met een donorhart
- Medicijnen
- Pacemaker
- Stamcelstudie
"De reden dat ik ziekten heb, is dat ik een lichaam heb. Als ik geen lichaam had, wat voor ziekte zou ik dan kunnen hebben?"
U weet het zeker:"dit geen tweede keer !"
Na het doormaken van een hartinfarct weet u het zeker: "dit geen tweede keer meer!". Er zijn een aantal factoren waar u zelf iets aan kan veranderen om de kans op een tweede infarct te verkleinen. Niet alleen stoppen met roken en meer te bewegen, maar ook door uw eetgewoonten aan te passen. Het is belangrijk dat u gevarieerd en lekker eet, anders houdt u het niet vol. Lekker en gezond eten gaan heel goed samen. Er zijn dan wel een paar dingen om op te letten, vandaar dit voedingsadvies.
Cholesterol
Eén van de risicofactoren voor het krijgen van een hartinfarct is een te hoog cholesterolgehalte in het bloed. Dit kan verhoogd zijn door het eten van het verkeerde vet, een te hoog lichaamsgewicht of door een erfelijke oorzaak. Cholesterol is een stof die door het lichaam zelf wordt aangemaakt en wordt gebruikt voor het opbouwen van onder andere hersenweefsel en bepaalde hormonen. Cholesterol is zeker noodzakelijk, maar niet in grote hoeveelheden. Er zijn twee soorten vet: verzadigd en onverzadigd vet. Verzadigd vet verhoogt het cholesterolgehalte en verhoogt daarmee het risico op hart- en vaatziekten.
Onverzadigd vet helpt juist het cholesterolgehalte te verlagen en is dus beter. Verzadigd vet komt voor in roomboter, koekjes, gebak, snacks, vette vleeswaren, eieren en orgaanvlees.
Onverzadigd vet komt vooral voor in olie, vloeibare bak- en braadproducten,vloeibare/zachte margarine of halvarine, noten en vette vis. Voorbeelden van vette vis zijn zalm, bokking, heilbot en makreel. De onverzadigde vetten van vis hebben, naast een gunstige invloed op het vetgehalte in het bloed, ook een beschermende werking tegen hartritmestoornissen.
Daarom luidt het advies: wees matig met vet en kies vooral onverzadigd vet. Eet één à twee keer per week vette vis.
Groente en fruit
Ook het eten van groente en fruit vermindert de kans op hart en vaatziekten. Dit komt door de aanwezige voedingsstoffen zoals kalium, antioxidanten en vezels. Mogelijk spelen ook andere stoffen een rol. Het advies is om dagelijks 200 gram groente en fruit te eten.
Matig met zout
Wees matig met zout. Teveel zout zorgt voor een verhoging van de bloeddruk. Een te hoge bloeddruk is schadelijk voor hart- en bloedvaten. Door het eten van minder zout kan de bloeddruk beter onder controle worden gehouden. U kunt uw maaltijd meer smaak geven door gebruik te maken van kruiden, zoals basilicum, kerrie, peper en oregano. Beperk producten die grote veel zout bevatten, zoals kaas, chips, soepen, sauzen enz...
Naast het verminderen van zout, zorgen gewichtsvermindering, het eten van groente en fruit en meer lichaamsbeweging voor verlaging van de bloeddruk. Samen met bloeddruk verlagende medicijnen, hebben ze een versterkend effect op de verlaging van de bloeddruk.
Overgewicht.
Overgewicht heeft allerlei gevolgen: suikerziekte, hoog cholesterolgehalte en een hoge bloeddruk. Dit zijn allemaal risicofactoren voor een herhaling van een hartinfarct. Daarom is het belangrijk dat u een gezond lichaamsgewicht heeft. Met de Body Mass Index (BMI) en tailleomvang kan op een eenvoudige wijze worden nagegaan in hoeverre het lichaamsgewicht gezond is. Er moet een balans zijn tussen uw dagelijkse voedselinname en de energie die u verbruikt. Energie haalt u uit voedsel en verbruikt u door lichamelijke activiteiten. Maar als u teveel eet en/of te weinig beweegt dan verbrandt u te weinig energie. Dit wordt opgeslagen als vet. Hierdoor wordt u dikker. Met een gewichtsverlies van 5 tot 10 kg is al veel gezondheidswinst te behalen.
Voedingsgewoonten veranderen is ingrijpend. Informatie en begeleiding zijn noodzakelijk. De diëtist kan advies en begeleiding op maat geven. Dit is niet altijd de diëtist van het ziekenhuis. Ook in het revalidatiecentrum, de thuiszorg in eigen woonplaats of de zelfstandig gevestigde diëtist kan begeleiding bieden. Hiervoor is wel een verwijzing van uw huisarts of specialist nodig. Dit kunt u vragen aan uw dokter. Vraag uw ziektekostenverzekeraar in hoeverre de kosten worden vergoed.
U hebt niet gevonden wat je zocht?
Correcties en/of opmerkingen zijn altijd welkom. Ook eventuele ontbrekende artikelen kunnen hier gemeld worden.


