Holterfoon

Hartritmestoornissen laten diagnosticeren op afstand.

Patiënten kunnen vanuit hun huis hartritmestoornissen laten diagnosticeren via een zgn. holterfoon. Doorgaans krijgt een patiënt het apparaatje maximaal 30 dagen in gebruik. De patiënt kan hiermee zelf een hartfilmpje maken met twee elektroden die eenvoudig op de borst zijn aan te brengen.

Via de holterfoon kan het hartfilmpje direct naar een deskundige worden gezonden ter beoordeling.

De wetenschappelijke beroepsvereniging van de huisartsen, het NHG, staat achter deze mogelijkheid van zelfmonitoring. Diverse zorgverzekeraars vergoeden deze service. De huisarts kan een verzoek indienen bij de verzekeraar van de patiënt. De patiënt heeft voordeel bij deze nieuwe ontwikkeling. .

Het is niet nodig om bij het voelen van hartritmestoornissen, die vaak aanvalsgewijs zijn, direct naar een specialist in een ziekenhuis te gaan. Op afstand beoordelen deskundigen een door de patiënt gemaakt hartfilmpje. Arts en patiënt werken dus goed samen bij deze 'diagnose op afstand'.

  • holterfoon
     
  • Thuis, en dan?

    Op de dag(en) van het onderzoek doet u gewoon wat u normaal ook zou doen. U gaat naar uw werk, school of doet het huishouden. De recorder moet steeds aangesloten blijven, ook s'nachts. 

    Wat moet ik met het dagboek?
    De cardioloog geeft u een dagboek mee. Hij wil weten wanneer de klachten ontstaan en wat u op dat moment aan het doen bent.

    U schrijft in het dagboek:

    •uw klachten
    •tijdstippen van maaltijden
    •activiteiten en inspanningen zoals fietsen of traplopen
    •medicijngebruik

    Wanneer moet ik de knop indrukken?
    Op het moment dat u klachten krijgt drukt u op een knopje van de recorder. U schrijft daarna in het dagboekje welke klachten u heeft en wat u aan het doen bent. 

    Na het onderzoek
    Na aflooop van het onderzoek koppelt u de recorder zelf af. Dit is eenvoudig. De hartfunctielaborant vertelt u hoe dit moet als u de recorder meekrijgt. U levert de recorder in volgens afspraak.

    De uitslag
    Uw behandelend arts bespreekt de registraties van het Holteronderzoek met u. Dit doet hij aan de hand van:

    •het hartfilmpje
    •uw aantekeningen in het dagboekje

    Misschien is er geen hartritmestoornis te zien. Als u geen klachten heeft gehad tijdens het onderzoek, is dit niet vreemd. De cardioloog bespreekt met u of u een ander onderzoek krijgt. 

    Behandeling
    Als duidelijk is geworden om welke ritmestoornis het gaat, kan de cardioloog kiezen uit verschillende behandelingen, waaronder medicijnen, een ablatie, een pacemaker- of ICD-implantatie.

  • holterfoon, bedrading

     

  • Alle documenten op deze sites zijn louter informatief en mogen niet beschouwd worden als rechtsgeldige documenten.De vzw kan niet verantwoordelijk worden gesteld voor de informatie op deze website. Hoewel het onze bedoeling is om bijgewerkte en juiste informatie te verspreiden, kunnen we geen perfect resultaat garanderen. Eventuele onjuistheden die ons worden gesignaleerd, zullen we zo spoedig mogelijk verbeteren.

Onderzoeken

Soorten medische onderzoeken

Men heeft wel veel over medische onderzoeken gehoord, maar wat voor onderzoeken zijn er eigelijk?

 

HOOFDMENU

Kenmerkend voor iemand met angst voor ziekten is dat zo iemand zich niet of slechts kort laat geruststellen door de dokter. Ook al heeft uitgebreid medisch onderzoek niets aan het licht gebracht, steeds weer duikt de angst op dat hij of zij een ernstige ziekte onder de leden heeft. De vraag is natuurlijk, hoe komt het dat iemand zich ondanks geruststellende uitslagen van de onderzoeken zulke zorgen blijft maken? Wanneer iemand zich zorgen maakt over het hart (bij pijn of druk op de borst) dan verdwijnt de angst als ook het onaangename gevoel op de borst vermindert.
paniek
Als iemand angst voor ziekten heeft, zal hij of zij voortdurend alert zijn op tekenen van (on-)gezondheid. Vaak gebeurt het dat mensen die nogal zorgelijk zijn waar het hun gezondheid betreft als kind geconfronteerd zijn met ziekten. Zij hadden bijvoorbeeld een chronisch zieke vader moeder, broer of zus. Soms zijn zij zelf vaak ziek geweest. Het overlijden van een familielid kan een haast onuitwisbare indruk hebben gemaakt. Dergelijke ervaringen leiden vaak tot daarbij passende overtuigingen, over de eigen kwetsbaarheid. In concrete situaties geven die overtuigingen aanleiding tot gedachten als 'Ik heb een zwakke gezondheid' of 'ik ben bijzonder vatbaar voor ernstige, dodelijke ziekten' of 'het is een wonder dat ik nog leef'. Deze gedachten worden niet expliciet geformuleerd en men noemt ze daarom wel 'automatische gedachten'. Ze bepalen het gedrag, de waarneming en emoties. Ze maken angstig.
Gedragsveranderingen
De angst voor ziekte kan ook tot gedragsveranderingen leiden, die zelf weer gevolgen hebben voor de gezondheid en aanwezigheid van lichamelijke verschijnselen. Iemand kan minder naar buiten gaan om besmettingen te voorkomen, zich zelf ontzien om uitputting te voorkomen. Deze gedragsveranderingen kunnen ook leiden tot verzwakking en daarmee tot meer lichamelijke klachten zoals gevoelens van vermoeidheid. Deze gevoelens kunnen weer voedsel geven aan de gedachte dat men ziek is. Dan wordt natuurlijk de vraag gesteld, wat is er met mij aan de hand? Het antwoord laat zich raden.
Geruststelling
Een ander belangrijk gedrag voor de in stand houding van de angst voor ziekten is het zoeken van geruststelling, bij de dokter. Elke keer dat men opgelucht (verschijnselen nemen af) de wachtkamer van de dokter uit komt wordt de automatische gedachte,' ik ben zwak, ik kan de angst voor de risico's van het leven niet aan', nogmaals ondersteund. Men raakt er van overtuigd niet zonder de steun van de dokter te kunnen leven.